Reisverslag van de Georgiëreis

Beste leden,
Het is alweer een tijd geleden, maar de MOST-reis was ook dit jaar weer een groot succes.
Verscheidene leden hebben een stukje geschreven en ook de thuisblijvers of toekomstige leden kunnen zo meegenieten met hun avonturen.
Veel leesplezier!

Woensdag 17 & donderdag 18 mei– Pieter
Woensdag 17 mei 20.01 vertrekt de trein vanuit Leeuwarden. De hele dag een beetje tas in lopen pakken en rustig vertrekken. Het vliegtuig vertrekt ’s ochtends om 5.30, we hebben afgesproken om 2.30 en zodoende brengt men de nacht door op het vliegveld. Mijn redenering was: ik ga mooi op tijd en zoek een lekkere slaapplek op het grote luxe Schiphol. Die heb ik dus niet gevonden. De bagageafgifte ging pas ’s ochtends open en ik moest het doen moet de door airco te koude hoekjes op de grond en bankjes met leuninkjes in het midden. Bovendien was er nog aardig wat volk op de been. Er was een gezellig cafeetje waar ik voor €3,85 een fluitje van 0.18 bestelde en buiten op het terras in de warme zomeravond nuttigde. Ondanks de prijs en de hoeveelheid smaakte hij prima. Helaas ging deze tent om twaalf uur dicht en was ik weer terug bij af. Het slapen had ik opgegeven en ik jatte een Аргументы н Факты bij de AKO voor bij het wachten (ik had ook een boek voor leesvaardigheid bij me, maar ik was wel op vakantie ja), las een stukje, en legde hem weer terug toen hij weer openging. Gelukkig kwamen om half een de eerste al binnendruppelen.
We hadden een plekje bij de La Place, een enkeling bestelde een dure maar wel goeie thee en er werd een beetje gepraat. Iedereen had er zin in maar was ook op voorhand al uitgeput van de korte nacht en de vlucht van acht uur met onze vrienden van Ukrainian Airlines. De laatste die aankwam was Bram met een fles wodka die op moest maar ook dat is bij lange na niet gelukt. Ondertussen werden er ook door de diehards papers geschreven en Anna Karenina’s gelezen.
Op weg naar de gate ontwaakt men uit de sluimerstand. In de vertrekhal op weg naar de gate komen we nog langs lekkere ligstoelen maar er is toch weinig tijd meer. Bovendien is er tl-licht. Iedereen, en ik waarschijnlijk als laatste, heeft inmiddels wel begrepen dat slapen er niet meer in zit en de hoop is gevestigd op het vliegtuig. En dat lukt. En we hoefden ons niet eens zorgen te maken dat we de snack zouden missen.
Met een prachtig uitzicht op de Dnjeper naderen we Kiev en we hebben een ruime overstaptijd op het oude vertrouwde Borispol. De een trakteert zich op een lekker biertje met борщ en сало, de ander op een goed boek en een derde probeert te slapen. Ook is het fijn om weer wat Russisch om je heen te horen. Om 12 uur gaan we dan eindelijk naar Georgië. Weer de prachtige Dnjeper en ik geloof zelfs de Krim te hebben gezien. In Georgië was het bewolkt dus de Kaukasus heb ik gemist. Of ik sliep.
Op het vliegveld worden we opgehaald door onze grote kale vriend Gaga en die kocht ook ons kaartje voor de bus. De busreis was nog best lang en het werd naarmate we dichter bij de stad kwam steeds gezelliger. (Zie foto) Het hostel was best oké met Gucci overtrekken en hele dunne dekentjes en het werd gerund door Indiërs.
Er werd in groepen eten gezocht en gevonden. Het door Gaga aangeraden Tiflis (niet die hippe zonder chinkali vanwege de stank Tiflis) was erg lekker en goedkoop. Een topafsluiter voor een topdag!

Vrijdag 19 mei – Emma
Na onze eerste welverdiende nachtrust in het hostel werd iedereen uitgerust wakker. Dit was ook wel nodig, want onze eerste dag in Tbilisi stond voor de deur wat gelijk één van de intensievere dagen zou worden gezien er een stadswandeling op de planning stond. Maar eerst stond de National Gallery of Georgia op het programma. We begaven ons naar buiten en besloten te voet naar het museum te lopen zodat we alvast wat van de stad konden zien, vandaag met een wat frissere blik.
Onze honger konden we stillen met brood en fruit gekocht bij één van de vele standjes die bemand werden door de lokale Georgiërs. Terwijl we door het heuvelachtige Tbilisi liepen merkten we dat het ondanks het vroege uur al best warm was en de uit voorzorg meegebrachte vesten en jassen werden dan ook al snel in de tas gestopt. Eenmaal aangekomen bij de National Gallery werden alle universiteitspasjes verzameld, kaartjes gekocht en onze tassen opgeborgen waarna we het museum in konden. In het museum bekeken we schilderijen van de voornaamste Georgische kunstenaars uit de 20e eeuw zoals Pirosmanashvili, Kakabadze, Gudiashvili en beeldhouwwerken van Nikoladze. Deze culture impressies maakten hongerig waarna we dan ook op zoek gingen naar wat te eten.
Nadat iedereen voldaan was begaven we ons naar het vrijheidsplein waar onze stadswandeling om 12 uur zou beginnen. We vonden onze gids en begonnen samen met enkele medetoeristen aan een wandeling door het oude centrum van Tbilisi. Tijdens de tour vertelden de gidsen ons allerlei feitjes en bijzonderheden over Tbilisi en wezen ze ons op de kleurrijke huizen en de kleine plekjes die wij zelf nooit ontdekt zouden hebben. We bezochten ook een waterval waar natuurlijk een groepsfoto gemaakt moest worden.
Na de ongeveer twee uur durende stadswandeling besloten we met de kabelbaan omhoog de berg op te gaan richting fort Narikala. De kabelbaan gaf een heel mooi uitzicht over de stad waar wij net doorheen gelopen waren. Eenmaal bovenop werden er eerst zeer artistieke foto’s gemaakt voor Instagram waarna we op zoek gingen naar het fort. Dit bleek moeilijker dan gedacht maar uiteindelijk bereikten we onze bestemming, de één via een avontuurlijkere route dan de ander. Nadat we hier hadden rondgekeken benutten we de kans om even uit te rusten voordat we besloten terug naar beneden te lopen. Eenmaal beneden was het eind middag en werden we overvallen door een stevige wolkbreuk waarna de meesten hun heil zochten in één van de typisch Georgische restaurantjes.
Die avond stond er een onmisbare activiteit op het programma namelijk een wijnproeverij. We verzamelden in een wijnkelder waar we een tal van verschillende wijnen voorgeschoteld kregen. Onder het genot van een vol glas bespraken we onze belevenissen en de pijnlijke voeten. Al met al kwamen we tot de conclusie dat het een zeer geslaagde dag was geweest, op naar de volgende!

Zaterdag 20 mei – Tomas
Op de zaterdag ruilden we het centrum van Tbilisi in voor een buitenwijk, om aldaar aan de Caucasus University twee korte colleges te volgen. Na een lange reis in een volgepakte bus, die ons (in elk geval fysiek) nader tot elkaar bracht, wachtte ons allereerst een luxueus ontbijt in NIP-stijl: koekjes, chocoladeblokjes en flesjes water waren ons proviand voor een studiemiddag. Het hoofd van de universiteit maakte deel uit van de welkomstcommissie, alhoewel hij ditmaal niet verscheen in driedelig pak met strak gekapte haarcoupe (zoals op de folder), maar in sjofele spijkershorts – het zou zijns inziens beter passen bij het hardrockconcert dat hij later die avond zou gaan bezoeken.
Het eerste college had als onderwerp de internationale betrekkingen van Georgië, en ging in op de politieke ambities van de regering. De optimistische toekomstvisie een nauwere samenwerking met de Europese Unie aan te gaan werd geruggesteund door informatie over reeds geleverde prestaties, zoals onder meer de terugdringing van corruptie. De door Georgië ingeslagen weg werd gecontrasteerd met andere toegepaste politieke tactieken in de regio, waarbij onder meer ingaan werd op de relatie tussen bijvoorbeeld Armenië en Rusland. Het opvallend positieve verhaal was interessant en verfrissend, alhoewel door velen van ons vraagtekens gezet werd bij de wederkerigheid van Georgië’s liefdesverklaring aan de EU.
De docent van het tweede college, die wat weg had van ‘ons aller’ Aleksej Aleksejevitsj, had als opdracht gekregen om in één uur de geschiedenis van Georgië met ons door te nemen. Hij ging onder meer in op apostel Andreas (die nog vóór St. Nino de orthodoxie naar Georgië bracht), ‘de Bouwer’ David IV, Koning Tamar, en, niet te vergeten, het belang van wijn en brandy. Met de hoeveelheid geboden interessante informatie was het niet erg dat hij uit enthousiasme ietwat over de afgesproken tijd heen ging.
’s Middags bezochten we het Nationaal Museum, dat we vooral aandeden voor de ruimtes met informatie over Georgië ten tijde van de Sovjet-Unie. Vooral indruk maakte het informatiebord waar ingegegaan werd op de door een veertienjarige(!) georganiseerde verzetsbeweging. Andere ruimtes boden niet specifiek op Georgië gerichte artefacten, waarvan vooral een stel samoeraizwaarden tot hoogtepunt van de collectie genoemd mocht worden, waarover veel meer te vertellen bleek dan op voorhand gedacht.
’s Avonds ging ieder zijns weegs, alhoewel ieders avond hoogstwaarschijnlijk in het teken stond van deeggerechten en de zoete (Pieter: ‘Poloesladkoje is fuckingsladkoje’) Georgische wijn.

Zondag 21 mei – Mireille
De dag begon vroeg. Na een uiteindelijk succesvolle zoektocht naar het treinstation begon de ongeveer een uur durende treinreis naar Gori. De coupé was muffig maar degelijk, met vale gele gordijnen en enkel nog een ander gezinnetje. Terwijl de trein zich voortbewoog waren sommigen wat aan het kletsen, anderen sliepen bij, en nog anderen staarden uit het raam om het Georgische landschap in zich op te nemen, wat bestond uit heuvels met groene bomen, hier en daar een klein dorpje met een treinstationnetje, en huisjes met een eigen wijngaard of een paar beesten.
Aangekomen in Gori ging de reis naar het hostel verder. De weg liep over modderige onverharde weggetjes terwijl de regen met bakken uit de lucht kwam zetten. Bij het hostel werden we gelukkig hartelijk verwelkomd door kapster Marina, en konden we eindelijk weer even genieten van een warme douche.
Na geluncht te hebben met verscheidene Georgische gerechten en Russische deuntjes uit de jukebox op de achtergrond, was het weer opgeklaard, en werd de tour door Gori vervolgd. Het fort van Gori werd verkend, waarbij er vele bloemetjes, een vreemd konijn, en een geheime kamer gevonden werden. Er werd heerlijk uitgewaaid en uitgeraasd op het fort, met een prachtig uitzicht over de hele stad en omgeving. Vervolgens werden er ook enkele bezienswaardigheden, zoals een oorlogsmonument en kerkjes bekeken, en aangezien Gori de geboorteplaats van Stalin is moesten de Stalinstraat, het Stalinplein, het Stalinpark, het Stalinstandbeeld, en het Stalinmuseum uiteraard ook bezocht worden. Hierna was er nog tijd om door het stadje te slenteren, souvenirtjes te kopen en vrienden, al dan niet vijanden, te worden met de vele straathonden die door Gori zwierven.
De dag werd beëindigd op de bovenverdieping van het hostel, op de met bloemetjesstof bekleedde bankjes, rond een geïmproviseerd lampje. Onder het genot van huisgemaakte chacha en Georgische wijn werden er enkele liederen gezongen, vele MOST-anekdotes verteld, en er werd nog meer gelachen. Iedereen vond uiteindelijk zijn bed, al uitkijkend naar de volgende dag.

Maandag 22 mei – Tjad
Op maandag ontwaakten wij door het zonlicht dat door de gordijnen onze hostelkamers binnen probeerde te dringen. We bereidden ons voor op onze tweede dag ‘in de provincie’, waarbij we dankbaar gebruik maakten van het warme water dat er in het hostel uit de douchekop kwam. Vandaag zou een bezoek aan de oude vestingstad Uplistsikhe op het programma staan. Op de stoep voor ons hostel wachtten wij in het zonnetje totdat een tamelijk gammel busje de straat inreed. Ons vervoer was gearriveerd! Nadat iedereen een plekje had gevonden, liet onze chauffeur de motor grommen en lieten we Gori spoedig achter ons. De weg voerde ons langs dorpjes en wijngaarden de bergen in. De uitzichten op uitgestrekte dalen en (hier en daar) besneeuwde bergtoppen van de Kaukasus deden ons vergeten dat de kwaliteit van de weg te wensen overliet. Bovendien was onze chauffeur een geoefend bestuurder die vaardig om alle gaten en kuilen heen reed.
Eenmaal in Uplistsikhe aangekomen en alle studentenkaarten wederom verzameld te hebben begaven wij ons naar de kassa, waar de entreeprijs voor studenten één enkele Lari (ongeveer 20 eurocent) per persoon bleek te zijn. Onze gids, die behalve de ingestudeerde rondleiding eigenlijk geen Engels sprak, nam ons mee naar boven en vertelde hierbij het een en ander over de oude stad. Uplistsikhe werd gesticht rond het jaar 1000 voor Christus. Tot de elfde eeuw was het een van de belangrijkste politieke en religieuze centra van het Georgische volk. Na de kerstening van de Georgiërs moest de stad wijken voor Mtscheta, de nieuwe (Christelijke) hoofdstad. De vestingstad is grotendeels uit de rotsen gehouwen en getuigd van zowel heidense als Christelijke architectuur. Het was ontzettend gaaf om rond te lopen op deze plek met zo veel historie. Daarbij kwam dat het weer nog steeds niet teleurstelde en het uitzicht over de Mtkvari rivier ook zeer aardig was. Onze gids leidde ons langs o.a de troonzaal, apotheek en gevangenis, waarna de tour vol spanning eindigde via een (niet meer zo) geheime tunnel terug naar beneden.
Na een korte lunch in een schaduwrijk plekje, vervolgden wij ons programma met een bezoek aan een oud klooster. Aangekleed volgens alle Christelijk orthodoxe kledingvoorschriften schuifelden we voorzichtig het koele kerkje binnen. Hier was eerlijk gezegd niet veel te zien, daar de meeste muurschilderingen dringend gerenoveerd dienden te worden en de kerk vol steigers stond. Toch was dit uitstapje niet tevergeefs, omdat we lekker konden genieten van de rustige omgeving. Enkelen van ons waagden zich aan een avontuurlijke klimtocht naar het kruis bovenop de berg, waarbij bleek dat omhoog gaan altijd makkelijker is dan naar beneden.
Daarna was het al weer tijd om terug te keren naar Tbilisi. Onze chille chauffeur liet zich overhalen om ons voor een extra zakcentje hierheen te rijden. Op de nieuw ogende snelweg werd het gaspedaal goed ingetrapt en waren we binnen de kortste keren terug in de hoofdstad. Hier splitste onze groep zich en maakten we nog iets langer gebruik van het mooie weer door onder het genot van een wijntje terug te denken aan de afgelopen dagen.

Dinsdag 23 mei – Richard
Dinsdag gingen we met zijn allen vroeg opstaan omdat we met de bus naar de ambassade gaan. Onze begeleiders hadden een heel goede planning en toen kwamen we een half uur te vroeg bij de ambassade aan. En toen mochten we naar de supermarkt omdat we nog tijd hadden en toen gingen we snoepjes kopen en ook kauwgom. Toen gingen we weer terug naar de ambassade en toen moesten we naar de zesde verdieping of misschien de zevende. Uiteindelijk was het de derde. We kregen koffie en thee en water, maar er waren geen koekjes. En er waren ook te weinig stoelen.
Na de ambassade gingen we met de bus naar de Samebakathedraal. Dat is eigenlijk een heel grote kerk in het midden van de stad. We gingen binnen kijken maar dat was nog lang niet af en ze moesten alles nog schilderen met steigers enzo. En buiten was er een pauw die ruzie maakte met een eend.
Na de kerk gingen we naar de metro lopen en naar de spar en daar kochten we brood. En toen gingen we met de metro naar het busstation van Tbilisi. Dat was heel leuk.
Bij het busstation gingen onze begeleiders zoeken naar een taxi die ons naar Mtscheta wilde brengen. Dat is de oude hoofdstad van Georgië. Het was een heel aardige taxichauffeur. Hij vroeg ons of we ook nog naar het Dzjvariklooster wilden op de top van de berg. En toen ging iedereen door elkaar heen roepen en ruzie maken. We gaan geen namen noemen. De taxichauffeur nam nog een slokje wodka en ging door de bergen rijden. Toen kwamen we aan bij het klooster. Het was heel klein en we mochten een kwartier vrij rondlopen.
Daarna reden we naar Mtscheta. Eerst gingen we naar de Samtavrokerk en daar was ook een kapel van Sint Nino. Toen waren we naar de andere kant van het stadje gelopen en daar stond nog de Svetitschovelikathedraal. Dat is eigenlijk een soort kasteel, waar mensen gingen schuilen bij oorlog. Er waren zoveel mensen die ons wilden rondleiden, dat wij ook moesten schuilen in de kerk. En er was een priester die water naar ons ging gooien. Maar dat was niet erg want de zon scheen.
Daarna gingen we terug naar Tbilisi met de taxichauffeur. Het was een hele leuke dag.

Woensdag 24 mei – Sophie
De laatste volle dag programma begint met een bezoek aan het Georgian Institute of Politics. Van buiten lijkt dat alles behalve een statig instituut. Het GIP ligt in een rustige zijstraat, achter een hek waar een klein bordje op hangt, met een deurbel waarvan je pas weet of hij werkt op het moment dat er iemand open doet. Maar de deur gaat zeker open en we worden vriendelijk ontvangen door een vrouw en man die enigszins verbaasd zijn door onze twintig man tellende groep. De volgende minuten zijn ze bezig het meubilair uit het instituut te verzamelen om ons allemaal van een zitplaats te voorzien. Een uur lang spreken we met deze onderzoekers (een Litouwse en een Amerikaan) over de politieke situatie in Georgië. Wij stellen vragen over het politieke systeem, de EU, Rusland en het reilen en zeilen van het GIP en krijgen genuanceerde antwoorden over de huidige situatie en over de toekomst van het land.
Om twaalf uur staan we weer buiten en valt de groep uiteen voor een vrije middag. Ik beland met een grote groep in de Dunkin’ Donuts op Rustaveli Avenue. Terwijl er donuts worden gegeten ga ik even naar de supermarkt die zich in hetzelfde pand bevindt. De winkel is groot maar de lange schappen zijn gevuld met veel dezelfde producten: maar twee soorten chocola, een heel gangpad nutella-potten. Onze groep splitst verder op. Een deel gaat naar het pretpark dat boven de stad ligt, ik ga met een ander deel vanaf Rustaveli naar een meer op een berg in het Zuidwesten van Tbilisi, het Tkus Ba-meer (letterlijk ‘het schildpaddenmeer’, maar we hebben er geen gezien). We willen met de bus maar die blijkt niet te gaan en dus rijden we in een volle marsjroetka naar het Vake-Park, waar vandaan een kabelbaantje loopt naar het meer op de berg. Bij het meer is het stil, mooi en idyllisch, en helaas veel te koud om te zwemmen. We lopen een rondje langs de oever, zitten bij het water en ik ben erg tevreden met het moment.
Om half zeven verzamelt de hele groep bij het metro station Marjanishvili voor het MOST-etentje. De reiscommissie heeft een fijn Georgisch restaurant uitgekozen waar we nog een keer goed gebruik maken van chatsjapoeri, chinkali, notensalades, rode wijn en chacha. Pieter verlegt zijn grenzen en waagt zich aan Georgisch runderhart en -lever en iedereen wil proeven. Om acht uur begint de live muziek (zangeres en zanger met cd op de achtergrond en discolichten!) en wordt onze Lejla toegezongen want ze is de volgende dag jarig. Uiteindelijk wordt de muziek toch wat heftig en de rest van de avond wordt verbracht in verschillende bars met karaoke en waterpijp, en in andere duistere café’s waar ik alleen maar over heb gehoord omdat ik inmiddels was afgehaakt.

Donderdag 25 mei – Lejla
De laatste dag van een reis is nooit heel interessant. Je pakt je spullen uit het hostel, gaat naar het vliegveld en wacht totdat je terugvliegt naar Nederland. Ik had het kleine voordeel dat de laatste dag mijn verjaardag was. Ik had nog nooit eerder mijn verjaardag in het buitenland gevierd, dus dat was nieuw. Het bleek uiteindelijk niet heel speciaal te zijn. De dag eerder hadden we het laatste etentje samen, waarna we dus uit gingen. We gingen als groep naar een karaoke bar; heel leuk, maar ik vind karaoke een beetje cringeworthy dus ik wilde graag weg en ergens shisha gaan doen. Uiteindelijk ging een klein groepje naar een shishabar, vlak bij het Vrijheidsplein. De fissa was gaande. Om 00:00 gingen mensen zingen en er werd cake en een cocktail voor mij gebracht; Tjad had toeters en feesthoedjes van de HEMA mee genomen. Good times. Ik kreeg ook nog super mooie sokken met khinkali erop. Als dit niet bestuursliefde is, dan weet ik het ook niet. Na een tijdje hadden we genoeg van shisha en wandelden we naar huis onder het zeer gezonde genot van een aantal sigaretten.
De volgende ochtend ging ik met wat mensen nog even de stad in; we hadden ontbeten en gingen toen nog souvenirtjes halen. Daarna terug naar het hostel en richting het vliegveld. Die ene guy die ons vanuit Gori naar Tbilisi heeft teruggereden kwam ons ophalen. Boris, een echte held.
Eenmaal daar aangekomen, hadden Tjad en ik de laatste laris ingezameld en met dat geld, met het kleine beetje wat MOST nog had, hebben we M&M’s voor iedereen gehaald. Tijdens het zoeken naar geschikt snoepgoed zag ik Twilight barbiepoppen en werd ik even herinnerd aan de 13-jarige ik die posters van Edward Cullen op al haar muren had hangen. Traumatiserend. Waar Georgië wel allemaal niet voor heeft gezorgd. Er gebeurde verder niets interessants meer; we aten snoep en een paar mensen lagen op de grond te chillen.
Zoals ik al eerder zei, het was die dag mijn verjaardag, dus veel mensen hadden feesthoedjes op in het vliegtuig. De terugvlucht leek langer te duren dan de heenvlucht. Het was allemaal ook vrij saai en het grootste gedeelte van de geliefde MOST-groep sliep. Ik had honger en bestelde zwaar teleurstellende kippensoep. Op dat moment was ik heel verdrietig dat ze geen noedels hadden.
Eenmaal aangekomen op Schiphol namen we afscheid van elkaar met een grouphug en gingen allemaal onze eigen weg. En you all know me, op de weg terug naar huis had ik nog even Burger King gehaald, want ik had honger en BK is er altijd voor mij <3 lobi. Het was een zwaar geslaagde reis, en ondanks alle stress die penningmeester zijn met zich mee brengt, kijk ik er toch met goede herinneringen op terug. Volgend jaar Georgië-reis 2.0, guys?

Dit bericht is geplaatst in Activiteit met de tags , . Bookmark de permalink.

Reacties zijn gesloten.